GETUIGENISSEN

Getuigenis van Eveline Konings, gastmama van Dinky:

Aan alle (Eventuele) Toekomstige Gast- en Adoptiegezinnen,

Jullie hebben jezelf waarschijnlijk wel eens afgevraagd, Waarom wij als gast- of adoptiegezin? Kunnen wij dat wel? Is dat moeilijk? Gaat dat lukken? Staan wij er dan alleen voor? Wel, die vragen heb ik mij ook gesteld  …. (en nog vele andere).  Je wil tenslotte toch alleen maar het allerbeste voor die Chow’s die het minder goed hebben of nog nooit een ‘happy life’ hebben gekend.

Maar ik heb de stap wel gezet. Sinds begin dit jaar zorg ik als gastgezin voor Dinky, een ex-broodfokteefje van 7 jaar. Ik krijg daarbij de hulp van mijn twee Chow Chow’s Ella-June en Simba. Het is inderdaad wel een vereiste dat je al een andere hond hebt. De ex-moederdiertjes hebben zoveel vertrouwen in je eigen hond. Echt waar, ik merk het nu zelf. Dinky volgt Simba waar hij ook gaat, hij is Dinky’s rustgevende vriend. Ze kijkt naar hem op en leert veel van hem. Al moet ik eerlijk bekennen, de eerste twee dagen liepen Ella-June en Simba met een bochtje om Dinky heen. Misschien omdat Dinky toch een beetje een onfrisse geur bij zich had, of misschien omdat ze merkten dat Dinky wat tijd nodig had om te wennen aan de nieuwe situatie, nieuwe mensen, nieuwe omgeving.

Ik herinner mij nog de eerste dagen met Dinky. Ze was zo angstig, met van die wegkijkende oogjes. Ze keek me niet aan, bibberde over heel haar lijfje. Ze at alleen als er niemand in de buurt was, heel snel alsof ze bang was dat haar bordje eten weggehaald werd. Het liefst zat ze in een hoekje in de badkamer, haar veilige plekje. Ik heb heel veel uren bij haar gezeten, samen met Ella-June en/of Simba, daar op de vloer in de badkamer, een boek lezend of rustig tegen haar pratend. Hier ben je veilig, hier gebeurt er je niets. Vanaf nu wordt het alleen maar beter, vertrouw ons.

Gelukkig kreeg/krijg ik heel veel steun van de bestuursleden en vrijwilligers van Chow4ever en van anderen die ook al gastgezin zijn geweest of nog zijn. Want  er zijn momenten dat ik dacht dit gaat me nooit lukken, ik krijg Dinky nooit uit haar ‘cocon’. Met al mijn vragen, twijfels kon ik bij hun terecht. Uit hun eigen ervaringen konden ze mij helpen, mij moed geven of mij oppeppen ‘Je doet het goed, heb vertrouwen’.  Want je moet geduld hebben, het gaat niet vanzelf.

Stilaan begon Dinky te ontdooien. Ze volgde mijn Chow’s naar de keuken waar ze hun eten krijgen. Ze begon mij te vertrouwen. Ondertussen slaapt ze al in de living, ook al zijn wij erbij. Het is zo gezellig, die avonden met z’n allen samen. Supertrots dat Dinky dit allemaal al durft!

Dinky heeft ook nooit geleerd wat speelgoed is. De eerste weken keek ze heel nieuwsgierig naar Ella-June en Simba als zij met hun knuffels speelden. Op een avond begon Dinky zelf te gooien met de knuffels en de knuffeldekentjes. Ik kreeg tranen in m’n ogen. Je zag dat Dinky zich goed voelde, zich onbezorgd voelde. Daar doen we het tenslotte toch voor, zorgen dat al deze Chow’s gelukkig zijn.

Maar we zijn er nog niet. Ik wil Dinky ook nog leren wat knuffelen is, wat wandelen aan een leiband is. Nu speelt ze veel in de tuin, maar ze moet ook nog de omgeving leren kennen. Auto’s, andere mensen die tegen haar praten …

We zijn met kleine stapjes vooruit gegaan, heel af en toe een grote stap vooruit. Maar we hebben ook wel eens stapjes achteruit gezet.

“Het gaat allemaal niet vanzelf, er kruipt heel veel tijd en geduld in. Maar de voldoening, de dankbaarheid en de liefde die van je van zo’n ex-moederdiertje terug krijgt, is met geen woorden te beschrijven.”

Als jullie denken, wij willen ook gast- of adoptiegezin zijn. Graag, heel graag… wij (en ook de Chow’s die ons nodig hebben) zouden heel blij zijn met jullie!

You can’t change a dog’s past, but you can rewrite their future!

**********************************************************************************************

Getuigenis van Isabelle De Strooper, adoptiemama van Koko:

Waarom wou ik opvanggezin worden? Ik was alweer een tijdje zoekende naar een nuttige invulling, een bijdrage aan deze wereld, ben immers overtuigd als iedereen een klein stukje doet in zijn eigen omgeving, dat de hele wereld er beter van wordt. Maar wat wil ik dan nog gaan doen. Al heel wat vrijwilligers werk gedaan en niet altijd de voldoening gekregen waar ik naar zocht. Ik had zelf al twee honden geadopteerd en vond dat wel voldoende, ondanks dat wou ik nog wel iets doen met en voor dieren, vandaar het idee om me op te geven als opvanggezin.

De kinderen hadden me uiteraard gewaarschuwd dat, eens ik een band zou hebben met de hond, dat ik het moeilijk zou vinden om die weer ‘los te laten’. Ondanks dat wilden we het toch proberen. Ik had een lang gesprek met chow4ever over het reilen en zeilen van een ex-fokteefje, ja want da’s toch nog iets anders als een hond adopteren uit een asiel. Daar had ik al ervaring mee, en wist ik ook dat de dieren ‘raar’ kunnen reageren door iets wat ze in het verleden meegemaakt hadden (de ene is bang van alles met een steel). Ik had ook al een chow chow dus wist dat die nogal afhankelijk zijn en niet de grootste knuffelberen, maar ook nooit blafte. Dus een andere chow in opvang dat zag ik wel zitten. Ik ging Koko immers alle tijd en ruimte geven, zodat ze vooral op eigen tempo kon leren en groeien. Zo gezegd, zo gedaan.

De eerste dag kwam dichterbij en Koko zou gaan arriveren. Spannend voor iedereen, en vooral hoe zouden de andere honden erop reageren?

Koko in de auto krijgen was al niet evident, vertelde Esmeralda en haar man. Ze uit de auto krijgen nog minder, zeker aangezien de auto niet in mijn tuin gereden kon worden, en dan gewoon even de deur kon opengezet worden en wachten tot ze eruit kwam. Dus moesten we haar voorzichtig uit de auto halen, dat was de enige optie en hopen dat er niemand gebeten zou worden. Dan haar voorzichtig naar de tuin begeleiden, want lopen aan de leiband dat kende Koko natuurlijk niet. En grommen en blaffen en aanvallen dat ze deed.

Eerst werd ze besnuffeld door de andere honden en toen we het touw loslieten, schoot ze naar helemaal achteraan in de tuin. Daar bleef ze nog een hele tijd ijsberen. Kwam je dichterbij ging ze lopen en begon ze te grommen. Ze maakte wel contact met de honden, daar was ze heel nieuwsgierig naar, dat was dus toch al een klein lichtpuntje.

De eerste twee dagen heeft ze niet gegeten, kwam niet uit het achterste gedeelte van de tuin, en vertrouwde die mensen voor niks. Drinken werd overal een beetje neergezet en gelukkig deed ze dat wel, maar enkel als ze niemand van ons zag.

Ik was al blij dat ze at, en wilde dus ook niks forceren, ze mocht gewoon zijn. Ik hoopte dat ze mettertijd toch wat dichter kwam. Wanneer we niet in het zicht waren kwam ze toch dichter bij het huis, en kwam ze eten. Dat was weer een klein stapje in de goede richting. Met de honden ging het best wel goed. Maar spelen dat kent ze niet. Weet niet waarvoor dat dient.  Oké de rangorde werd even door elkaar gegooid, Sunny die voordien de baas was, werd nu kalmer, en Benny de chow ontpopte zich als baas van het terrein en die moest nu plots als eerst eten krijgen voor alle andere. Terwijl ze voordien gewoon samen uit 1 bak aten.  Benny gaf ook aan wat kon en niet kon, gaf een blaf of een knap als ze het niet eens was met iets.

Weken gingen voorbij dat Koko dichter bij ons kwam. Ze bewaarde steeds afstand, nam geen eten aan uit de hand … maar het werd stilaan kouder, ze moest toch eens binnen komen? Gelukkig hing de lange lijn nog steeds aan haar harnas, waar ze zich uiteraard al een par keer mee had vastgedraaid rond een struik en ze dan toch vertrouwen in me kreeg aangezien ik haar losmaakte. Op aanraden van chow4ever Koko dan toch even geforceerd en naar binnen getrokken. Je zag de angst in haar ogen als ze binnen was, ze wou het liefst onzichtbaar zijn en bleef maar rondjes lopen, zenuwachtig, staart naar benden en grommen van angst. Naar mij heeft ze nooit gehapt, naar mijn jongens wel. Zo ging ook dat weer een paar weken. Eens niemand in huis was ging ze uiteindelijk toch liggen en gromde niet langer. Maar nachtelijk blaffen, ja dat daar kon ze wat van. Immers elk geluid, licht, voetganger, vogel, bij, auto … moest ze toch even op blaffen.

We wilden vooral dat ze dichterbij zou komen om ze ook eens aan een grondig onderzoek te kunnen onderwerpen, want vuile ogen had ze altijd en ik had de indruk dat ze niet alles even goed zag. Van ver wel, dichter weer niet en dan van heel dichtbij weer wel. Een koekje naar haar toegooien, daar ging ze van weg lopen en eens ik weg was kon ze het niet vinden. Oké ze moest soms snel zijn, want die andere twee wisten wel wat dat was.

Na een paar maand al nam ze toch al snoepjes aan uit mijn hand, maar alleen bij mij want mannen, nee dat vond ze maar niks. Oh wat was ik blij dat dat al lukte, de vooruitgang ging heel traag. Had het ergens toch sneller verwacht of gehoopt.

Elke avond een gevecht om ze binnen te krijgen voor de koude nacht. Langzaam aan begonnen we toch ook te wandelen. Ze volgde de andere honden gewoon, want wist verder niet goed wat daarvan de bedoeling was. Die eerste wandelingen, schrok ze van elke fietser, auto, licht, voorbijganger, en was ze echt onvoorspelbaar; ging gewoon in de struiken of naar de andere kant van het voetpad of de straat. Ook dat snuffelen, waarvoor diende dat?, ze begreep er niets van, deed de anderen gewoon achterna, ging daar dan ook wat ruiken. Net zoals op ronde een plasje doen, niet voor Koko. Dat vertrouwde ze niet. Lekker in de tuin, dat was haar enige veilige haven.

Ook begonnen we langzaamaan met een bezoek aan een speelweide, met de auto want ook dat moest ze leren, en hopelijk associëren met iets leuks. Eens op de speelweide was geen enkele reu van haar weg te slaan, allemaal wilden ze erboven op, en ze liet het gewillig toe. Het was duidelijk dat dit het enge was dat ze kende, zich aanbieden aan de mannetjes. (P.S: mijn twee andere honden zijn ook teefjes). Ik had met de speelweide toch anders voorgesteld. Maar nog steeds was ze aan 24u aan de lange lijn want anders kon ik ze niet te pakken krijgen.

Ondertussen was ze reeds 5 maanden bij ons en was er nog een lange weg te gaan. Niks affectie en zeer trage vooruitgang. Ze was een hond die vooral tevreden was als ze gewoon mocht zijn in de tuin. Chow4ever wou natuurlijk weten of ik een adoptie zag zitten. Ik heb er heel lang over getwijfeld omdat ik echt geen band met haar kreeg, naar mijn jongens bleef ze grommen, van bezoek liep ze weg en als ik ze wilde aanhalen voor de wandeling moest ik nog steeds achter haar lopen en de lange lijn te pakken krijgen. Dus ik vroeg nog wat tijd. Maar weg doen wilde ik ze ook nog niet, want dan zou het kleine beetje vooruitgang dat we al geboekt hadden terug weg zijn, daar was ik zeker van.

Na meer dan 6 maand, op een avond in huis, zat ik in de zetel en kwam ze gewoon bovenop mij liggen, niet lang, maar heel even. Zo snel ze gekomen was, was ze ook weer weg. Want van het minste geluid of beweging sprong ze alweer weg in haar hoekje.

Dat was toch voor mij het keerpunt, dat er nog hoop was, maar dat het gewoon nog lang zou duren. Ik kon het haar, de andere honden en mezelf niet aandoen om nu nog afscheid te moeten nemen. Dus besliste ik haar uiteindelijk toch te adopteren en haar alle tijd te geven die ze nodig had.

Ze maakt nog steeds kleine stapjes vooruit, en dat maakt me blij. Op wandeling zie ik ze nu zelf al snuffelen aan dingen, en niet gewoon nadoen. Ze loopt ook al haar eigen kant eens uit, en niet gewoon in het voetspoor van. Ze loopt zelfs al eens naar iemand toe, wel enkel nog vrouwen. Ze ziet een kat of vogel en reageert er als eerste op. Dan denk ik: eindelijk ze wordt toch nog een hond. Ze blaft iets minder s’nachts, gelukkig is het mooi weer en kan het schuifraam gewoon open blijven staan, en ja ze slaapt dus binnen, maar van zodra de eerste persoon beneden is gaat ze naar buiten.

“Op wandeling kijkt ze vol bewondering naar de omgeving en naar mij en komt ze af en toe al eens een kopje vragen. Ik ben reuze blij dat ik voor haar iets kan betekenen. Ze zal nooit een hond zijn zoals de andere, maar dat moet ook niet. Maar mijn hart heeft ze wel gewonnen.”